Een kijk op de “vertaling” van de Qoeraan – deel 1

De Qoeraan zelf is onvertaalbaar. Het enige wat je kan vertalen is je begrip van de Qoeraan, oftewel: hoe je de Qoeraan interpreteert. Een vertaling is eigenlijk niets anders dan een speciale vorm van tafsier (exegese) van de Qoeraan. In het algemeen wordt dit ook goed begrepen en krijgen de “vertalingen” vaak de titel “een vertaling van de interpretatie van de betekenissen van de Qoeraan” of iets soortgelijks.

Een niet-moslim “vertaler” Arthur J. Arberry beargumenteerd dit in zijn voorwoord (vertaald vanuit het Engels):

“In mijn keuze om mijn huidige werk “The Koran Interpreted” te noemen heb ik toegegeven aan de relevantie van de orthodoxe mening van de moslims, waarvan Pickthall zich zo bewust was, dat de Koran onvertaalbaar is. Enkele van de implicaties van deze doctrine zijn uitgewerkt in het voorwoord van mijn “The Holy Koran: an Introduction with Selections” (Allen & Unwin, 1953) en het is niet nodig om hetzelfde argument hier te herhalen. Kort gezegd; de retorica en het ritme van het Arabisch van de Koran zijn zo kenmerkend, zo krachtig, zo zeer emotief, dat iedere versie onderhevig is aan aard ter dingen om slechts een arme kopie te zijn van de glinsterende pracht van het origineel. Nooit was het meer waar dan in dit geval, dat traduttore traditore (de vertaler een verrader is).”

In een voetnoot in het voorwoord van de “vertaling” van Aboe Ismail & Studenten wordt de basis van deze mening ook gedeeld:

“In dit voorwoord wordt gesproken over “vertalingen” of een “vertaling”, maar wat uiteraard bedoeld wordt is een interpretatie van de betekenissen van de Koran. De Koran kan namelijk niet vertaald worden naar een andere taal omdat het woordgebruik en de zinsopbouw ervan niet te evenaren zijn.”

In het voorwoord van de vertaling van Dr. Hıdır & Drs. Okumuş (de Levende Koran) geven zij de volgende uitleg aan dit concept:

“De Arabische tekst van de Koran onderscheidt zich door een veelvoud aan hoogstaande taalkundige bewoordingen: welsprekendheid en welbespraaktheid in de woordkeuze; metaforen; vergelijkingen; gelijkenissen en parabelen in de beeldkeuze; suggestieve weglatingen (ellipsen), klanknabootsingen (onomatopeeën) en allerlei vormen van assonantie, alliteratie, eindrijm, binnenrijm en dubbelrijm in de klankkeuze. Dit maakt iedere vertaling tot niet meer dan een bescheiden benadering, een aanmatigende afspiegeling van de schoonheid en de kracht van de originele tekst.”

Een “vertaling” van de Qoeraan in zou de volgende eigenschappen moeten bevatten in de poging om enigszins te hopen een weergave te kunnen zijn van de Qoeraan:

  • Het moet een literair meesterwerk zijn.
  • Het moet zeer toegankelijk zijn en makkelijk begrijpbaar, zelfs voor een kind.
  • Het moet ritmisch zijn.
  • Weinig woorden ervan moeten diepgaande betekenissen hebben.

Als je in staat zou zijn om veel van de betekenissen te vangen met Nederlandse woorden, dan raak je alsnog de specifieke woordkeuze, zinsstructuur, eloquentie en ritme kwijt. Het uitleggen enkele woorden in de Qoeraan kan vanuit een taalopzicht meerdere pagina’s nodig hebben in het Arabisch, laat staan in het Nederlands.

En dat maakt het lezen van de Qoeraan in het Arabisch een unieke ervaring. Een vers in het Arabisch is namelijk de basis waar studie begint. Je bestudeert de tafaasier en daarbij ga je steeds verder in op het Arabische woord dat Allaah heeft gekozen en iedere keer leer je meer niet alleen over het woord, maar ook over de context, de grammatica en de retorica van het vers.

Een woord is de Qoeraan kan namelijk diepere betekenissen hebben. In de Qoeraan gebruikt Allaah namelijk woorden met dezelfde stam in verschillende contexten, waardoor je een diepgaand begrip kan opbouwen. Een simpel voorbeeld is het volgende vers [2:256]:

لَا إِكْرَاهَ فِي الدِّينِ ۖ قَد تَّبَيَّنَ الرُّشْدُ مِنَ الْغَيِّ ۚ فَمَن يَكْفُرْ بِالطَّاغُوتِ وَيُؤْمِن بِاللَّـهِ فَقَدِ اسْتَمْسَكَ بِالْعُرْوَةِ الْوُثْقَىٰ لَا انفِصَامَ لَهَا ۗ وَاللَّـهُ سَمِيعٌ عَلِيمٌ

In de “vertaling” van Sofjan S. Siregar staat er:

Er is geen dwang in de godsdienst. Waarlijk, de rechte leiding is duidelijk onderscheiden van de dwaling, en hij die de Thaghôet verwerpt en in Allah gelooft: hij heeft zeker het stevigste houvast gegrepen, dat niet breken kan. En Allah is Alhorend, Alwetend.

Het woord Thaghôet is toegelicht in de voetnoot:

“‘Thaghôet’: letterlijk “degene die overschrijdt’: hier de Satan, afgodsbeelden. In het algemeen ook onrechtvaardige leiders of tirannen.”

In de voetnoot van Aboe Ismail & Studenten staat er:

“Taaghoet staat voor alles wat aanbeden wordt, naast de ware God (Allah).”

Een woord met dezelfde stam komt voor in dit vers [69:11]:

إِنَّا لَمَّا طَغَى الْمَاءُ حَمَلْنَاكُمْ فِي الْجَارِيَةِ

De “vertaling” van Siregar: “Voorwaar, toen het water overstroomde, droegen Wij jullie (voorvader Nôeh en zijn familie) in het vaartuig (de ark).”

Maar het woord taghaa heeft dezelfde betekenis als taaghoet, namelijk het buiten de grenzen treden. In het geval van water is dat het overstromen en in het geval van aanbidding is dit het richten ervan naar iemand dan Allaah. Maar in de Nederlandse “vertalingen” is er geen correlatie te vinden tussen deze woorden dus kan je het niet overpeinzen op dezelfde manier. Forever lost in translation.

Een ander voorbeeld is het vers [57:20]:

كَمَثَلِ غَيْثٍ أَعْجَبَ الْكُفَّارَ نَبَاتُهُ

Siregar: “als de gelijkenis van een regen waarvan de planten (die zij voortbrengt) bij de boeren verwondering wekt.

Allaah zegt [13:42]:

وَقَدْ مَكَرَ الَّذِينَ مِن قَبْلِهِمْ فَلِلَّـهِ الْمَكْرُ جَمِيعًا ۖ يَعْلَمُ مَا تَكْسِبُ كُلُّ نَفْسٍ ۗ وَسَيَعْلَمُ الْكُفَّارُ لِمَنْ عُقْبَى الدَّارِ

Siregar: “En waarlijk, degenen voor hen beraamden (reeds) listen, maar Allah beheerst alle listen. Hij weet wat elke ziel doet. En de ongelovigen zullen te weten komen voor wie de (goede) eindbestemming is.

Het woord koeffaar is vertaald als boeren in het eerste vers en ongelovigen in het tweede vers. Het is niet raar dat een woord anders wordt vertaald in verschillende contexten, de verschillende contexten bepalen de betekenis van een woord. Dat neemt niet weg dat er een correlatie tussen de twee woorden is. Dat gaat namelijk terug naar de stam en dat is kafara en dat betekent het bedekken van iets. Zo kan je de nacht kaafir noemen omdat ze de aarde bedekt met haar duisternis. En kan je de boer kaafir noemen omdat hij de zaden met aarde bedekt. Maar koefr kan ook vertaald worden als ondankbaar, en wordt gebruikt als antoniem van shoekr (dank). Het distantiëren van iets kan ook koefr genoemd worden. Het ontkennen van iets kan ook koefr worden genoemd. En al deze betekenissen vullen elkaar aan om het woord beter te begrijpen. In een Nederlandse “vertaling” gaan al deze relaties verloren.

Wat je moet begrijpen, is dat de “vertaler” in ware een moefassir (exegeet) is. Naast het bezitten van alle kwalificaties die een moefassir moet hebben, dient hij nog extra kwaliteiten te hebben, waarvan de belangrijkste – in ons geval – het beheersen van de Nederlandse taal is op een hoog niveau.

Er zijn soms tegenstrijdige interpretaties van verzen. In dat geval moet de moefassir een afweging maken en een keuze kiezen. Dat is normaal. Alleen er zijn soms ook meerdere interpretaties van een vers die allemaal correct zijn tegelijk. Bij een “vertaling” kan je natuurlijk één kiezen, maar dan moet je de overige interpretaties weglaten. Dit betekent dat er iets mist. Er kan dus niet iets zijn als “de interpretatie van de betekenissen van de Qoeraan”, maar er is altijd sprake van “een interpretatie van de betekenis van de Qoeraan”. En dit is waar als het zou gaan om één enkele afweging, maar het gaat over duizenden afwegingen waarin de “vertaler” niet alleen de tafsier kiest, maar ook nog de Nederlandse woorden die, in zijn mening, de betekenis het beste weergeeft.

In het voorwoord van de vertaling van Dr. Hıdır & Drs. Okumuş (de Levende Koran) staat het volgende:

“Hetgeen in een “vertaling” van de Koran kan worden verwezenlijkt, is slechts het overbrengen van de betekenis van een gedwongen keuze tussen de vele verklaringen van de Koranverzen. Alle vertalingen zijn dus per definitie interpretaties, versies welke de inhoudelijk en taalkundige rijkdom van de originele tekst aantasten, veranderen en reduceren. Het maken van keuzes is veelal onvermijdelijk.”

Wat is dan een kwalitatief goede “vertaling” van de Qoeraan? Dit is lastig te beoordelen. Is het verstandig dat je dicht bij de Arabische tekst blijft met het gevaar dat je moeilijk leesbare Nederlandse zinnen krijgt of is het juist beter om af te wijken van de zinsopbouw, zodat je een natuurlijker Nederlands krijgt?

In het woordwoord van zijn vertaling zegt Dr. Sofjan S. Siregar: “Aan de inhoudelijke juiste weergave van de Koran is prioriteit gegeven boven de taalkundige of literaire kwaliteit van het gebruikte Nederlands. Op deze wijze hoop ik een weergave te presenteren die niet alleen toegankelijk is, maar ook overeenkomt met de wijze waarop de Moslims de Koran begrijpen.”

Hieronder zijn er vier “vertalingen” van het volgende vers:

إِنَّ الَّذِينَ كَفَرُوا سَوَاءٌ عَلَيْهِمْ أَأَنذَرْتَهُمْ أَمْ لَمْ تُنذِرْهُمْ لَا يُؤْمِنُونَ

“Zij die ongelovig zijn, voor hen maakt het niet uit of je hen waarschuwt of niet; zij geloven niet.” [Leemhuis]

“Den boozen is het gelijk, of gij hun de waarheid verkondigt of niet.” [Keyzer]

“Voorwaar, voor degenen die niet geloven, maakt het geen verschil of jij hen waarschuwt of dat jij hen niet waarschuwt: zij zullen niet geloven.” [Siregar]

“Waarlijk, (wat betreft) degenen die niet geloven, voor hen is het hetzelfde of jij (o Mohammad) hen waarschuwt of hen niet waarschuwt. Zij zullen niet geloven.” [Aboe Ismail]

Het afwijken van de originele zinsopbouw maakt het makkelijker leesbaar, zoals:

“Het maakt niet uit of je de koeffaar nou wel of niet waarschuwt, zij zullen toch niet geloven.”

Of: “De koeffaar zullen toch niet geloven, ongeacht of je hen nou wel of niet waarschuwt.”

Maar het probleem hierbij is natuurlijk dat het een taalgebruik is die niet mooi is, en dan heb je dat weer kwijtgeraakt in de vertaling. De Qoeraan is namelijk makkelijk leesbaar en ritmisch, terwijl het van een hoog taalniveau is.

Hiervoor moet de “vertaler” stilstaan bij zijn uitgangspunt bij het “vertalen”. Gaat hij of zij zich focussen op het proberen om zo dicht mogelijk te blijven bij de opbouw van het Arabisch, gaat hij of zij proberen om de betekenissen zo goed mogelijk weer te geven of gaat hij of zij proberen om de retorica en ritme van het origineel weer te geven.

Het kiezen van een ander uitgangspunt, zal een groot invloed hebben om de daadwerkelijke uitkomst van de “vertaling”.

Arthur J. Arberry zegt in zijn voorwoord:

“Mijn hoofdreden voor het aanbieden van deze nieuwe versie die al vele malen ‘vertaald’ is, is dat in geen enkele voorafgaande weergave een serieuze poging is gedaan om, hoe imperfect dan ook, deze retorische en ritmische patronen, die de glorie en de sublimiteit zijn van de Koran, te imiteren. Ik betreed nieuw terrein hier en het is daarom ook nodig om in het kort mijn intenties en methode kenbaar te maken…”

Deze aanpak is uniek en dat zorgt ervoor dat zijn “vertaling” beschouwd wordt een van de mooiste “vertalingen” van de Qoeraan in het Engels.

Wordt vervolgt…

By | 2016-08-30T22:16:50+00:00 August 30th, 2016|Categories: Uncategorized|0 Comments

About the Author:

Leave A Comment